Het luisterspel is dood. Lang leve het luisterspel!
Cultureel jaarboek 2006 - 2007 provincie Oost-Vlaanderen.
Door Martine Ketelbuters, november 2008.
Luisterspelen herinneren aan vroeger, toen de radio een meer centrale plaats innam: met zijn allen rond de radio luisteren naar een verhaal. Of alleen, met een transistor onder het hoofdkussen, luisteren naar verre krakende stemmen, die vanuit de ether beelden brengen. Want daar gaat het om: een verhaal wordt verklankt via een mix van stem, geluid, muziek en stilte. De beelden zijn niet kant-en-klaar, maar zijn het product van een complexe communicatie met de fantasiewereld van de luisteraar. Hoe meer verbeelding bij wie luistert, hoe beter het stuk.
Het luisterspel is één van de meest boeiende en meest creatieve vormen van radio. Het genre is dan ook ontstaan binnen de radio ("a radio play"), het auditieve medium bij uitstek. In een radiohuis had je immers zowel de technische faciliteiten, nodig voor de realisatie van luisterspelen, als de knowhow om te vertellen met geluid. En de radiozender was ook het beste distributiekanaal, wie anders kon audio op zo'n schaal verspreiden? Nu er door de Vlaamse omroepen geen luisterspelen meer worden geproduceerd, laat staan uitgezonden, is het genre op sterven na dood. Maar waarom worden ze niet meer gemaakt?
Richard HughesWat een luisterspel definieert is de intentie om een verhaal om te zetten in geluid. Het eerste luisterspel werd uitgezonden door de BBC in 1924: Danger was een stuk dat voor de radio geconcipieerd was. De BBC, als grote cultuurverspreider, had al heel wat literair werk uitgezonden, maar toen Richard Hughes een scenario schreef voor dat nieuwe medium radio met zijn nieuwe mogelijkheden, en een verhaal verzon over een paar dat gevangen zat na een mijnramp, was dat een nieuwe stap. Aan de beleving van het verhaal werd een dimensie toegevoegd; het werd niet alleen verteld, het werd ontwikkeld voor de oren van de luisteraar.
Van het oorspronkelijke hoorspel uit 1924 is een fragment bewaard gebleven.
Op vrijdag 25 oktober 1931 zendt de Vlaamse Afdeling van het Nationaal instituut voor Radio-omroep De terechtstelling van Ernst Johannsen uit, in een regie van Gust De Muynck: zes tonelen van elkaar gescheiden door paukenslagen.
Vanaf het einde van de jaren '40 zendt de NIR regelmatig luisterspelen uit. De boer die sterft van Karel Van de Woestijne, bewerkt door Herman Teirlinck en geregisseerd door Frans Roggen, is het oudste bewaarde Vlaamse luisterspel. Marcel Coole, directeur Instructieve Programma's, is zeer begaan met het genre, schrijft zelf ook luisterspelen en kan wat gerenommeerde auteurs, zoals Gerard Walschap, Johan Daisne en Louis Paul Boon, aantrekken. De uitzendingen gaan rechtstreeks, het is immers technisch te complex om alles op te nemen, er bestaan nog geen mobiele bandopnemers. De liveproducties, vaak met orkest en acteurs en actrices in avondkledij, waren volgens Paula Semer een erg spannende aangelegenheid.
Een fragment uit De boer die sterft van Karel Van de Woestijne.
In 1963 wil de toenmalige administrateur-generaal van de BRT, Paul Vandenbussche, luisterspelen op een meer georganiseerde manier produceren en uitzenden. Om dat proces in goede banen te leiden, engageert hij Andries Poppe, die op dat moment voor onder andere De Nieuwe Gazet luisterspelen recenseert. Andries Poppe heeft door zijn kritieken bewezen dat hij goed kan luisteren en een uitgesproken mening heeft over het medium. Bovendien is hij een pleitbezorger voor de Vlaamse literatuur.
Andries PoppeAls kersverse radiodramaturg begint Andries Poppe teksten voor radio te verzamelen. Hij schrijft ze zelf (De trap, Zwanen), vertaalt ze of laat teksten uit het buitenland vertalen. Er wordt heel wat moeite gedaan om auteurs te motiveren ook voor radio te schrijven. Daar waar het bij de BBC voor een auteur vanzelfsprekend is om ook voor radio te schrijven, zelfs te debuteren bij de radio (Pinter, Beckett, ...), is dat voor Vlaamse auteurs een veel moeizamer kennismaking. Pas na enkele initiatieven, zoals de oprichting van een werkwinkel en het organiseren van schrijfcursussen of schrijfwedstrijden, wordt een generatie auteurs over de streep getrokken: Fernand Handtpoorter, Guy Bernaert, Jaak Dreesen, Patrick Bernauw.
Andries Poppe wordt verantwoordelijk voor het samenstellen van het repertoire en het begeleiden van de productieteams: regisseurs, acteurs, geluidsregisseurs, technici. De evolutie op technisch vlak is enorm, zeker met de ontwikkeling van stereo voor de deur. De doorbraak van de televisie betekent een ferme deuk voor de populariteit van de radio, maar daar worden geen financiële consequenties aan verbonden. Economisch gaat het dus goed, technische innovaties nodigen uit tot experiment en er is, misschien net dankzij de televisie, niet de druk om 's avonds met de radio een groot publiek te bereiken.
Eind jaren '60 zijn er drie regisseurs werkzaam in de luisterspelstudio's aan het Flageyplein: Frans Roggen, Herman Niels en Jos Joos. De regisseur kiest een tekst waar hij voeling mee heeft en maakt een planning, waarbij onder andere de acteurs uit het Dramatisch Gezelschap van de BRT worden ingepland.
Op maandagmorgen is er een grote lezing met alle betrokkenen. In de namiddag zijn er de technische besprekingen, daarna beginnen de eigenlijke opnames. Aan een monoluisterspel wordt een week gewerkt, voor een stereoluisterspel, dat technisch veel ingewikkelder is, worden er twee weken uitgetrokken. In het begin wordt er nauwelijks gemonteerd, alles wordt goed voorbereid en chronologisch opgenomen, tot alles juist zit. Op vrijdag is er een gezamenlijke beluistering, waarbij Andries Poppe kritisch komt luisteren en er soms harde oordelen vallen.
Wanneer de BRT in 1976 naar de Reyerslaan verhuist, staan er exclusief voor de productie van luisterspelen twee nieuw ingerichte studio's klaar. In beide studio's is er een grote opnameruimte, akoestisch ingericht voor stemopname, met een afgescheiden ruimte die klinkt als "buitenruimte" met daarin het obligate grindpad. Er is een technische regiekamer, uitgerust met het meest geavanceerde technische materiaal dat toen te vinden was. In de nieuwe studio is stereo verworven. Het ruilhoofd, een tekst van Andries Poppe, geregisseerd door Jos Joos, met Dora van der Groen en Julien Schoenaerts, is het eerste stereoluisterspel.
Dora van der Groen
Julien Schoenaerts
Stereo is voor de radio wat kleur was voor de televisie. Een personage kan zich verplaatsen in een auditieve ruimte, een auto rijdt voorbij van links naar rechts. Je krijgt een dimensie bij, figuren krijgen een ruimtelijkheid en kunnen ineens in een klanklandschap bewegen, het wordt makkelijker je in te leven, je te verhouden tot de personages, een plaats te krijgen in de scène.
Een fragment uit Het ruilhoofd van Andries Poppe.
In de jaren '80 kent het luisterspel in Vlaanderen zijn meest intensieve productieperiode, waarbij er gemiddeld zo'n vijftig producties per jaar gemaakt worden. Wekelijks worden in de twee studio's onder een hoge productiedruk luisterspelen opgenomen en afgewerkt. Een week werken aan een luisterspel, soms langer, was toen een gangbare praktijk. Maar een week is natuurlijk kort, als je bedenkt dat de geloofwaardigheid van een stuk recht evenredig is met het naturel waarmee de acteur zijn tekst gezegd krijgt, en dat er toch een paar repetities nodig zijn om die natuurlijke zegging te verwerven.
Andries Poppe stippelt een beleid uit, reflecteert over het medium en ontwikkelt het genre. Hij breekt uit de Vlaamse cocon, legt internationale contacten en gaat naar buitenlandse festivals, waar Vlaamse producties opvallen en prijzen winnen. Ondertussen waakt hij over het repertoire, stimuleert hij de productie en moedigt hij de ontwikkeling van het metier aan. De luisterspelen worden het lab van de radio. Technici krijgen inzicht in hoe te vertellen met geluid en stem, acteurs ontdekken het medium en leren het "bespelen". Regisseurs vertalen de tijdsgeest in auditieve stukken, luisterspelen. In die periode treedt een nieuwe generatie regisseurs aan: Michel De Sutter, Gie Laenen en Flor Stein.
Met het radiofeuilleton 't Koekoeksnest is er nu ook radiodrama op Radio 2. Het luisterspel op Radio 1 op zondagavond is weggevallen. Luisterspelen zijn nu enkel nog te beluisteren op Radio 3 in het programma Zegge en schrijve. De netten worden geherdefinieerd en krijgen een eigen profiel, de dienst Luisterspelen en Radiodocumentaires wordt gesplitst: de documentaires gaan naar Radio 1, het feuilleton naar Radio 2, de ernstiger luisterspelen naar Radio 3.
De eerste aflevering van 't Koekoeksnest.
Vanaf het midden van de jaren '90 wordt het steeds moeilijker om verdedigers van het genre te vinden. Niet zozeer vanwege het genre zelf, maar vooral door zijn productieomstandigheden. Na de hoogdagen van de jaren '80, waar er mensen en middelen vrijgemaakt konden worden voor het produceren van luisterspelen, dienen de besparingen zich aan. Het luisterspel blijkt een dure vorm van radio te zijn. Niet enkel auteurs en acteurs moeten vergoed worden, ook het gebruik van studio maakt het tot een dure aangelegenheid. Als je dat naast het aantal luisteraars legt dat een omroep bereikt op een avond, valt de balans snel negatief uit.
Het beleid bij de publieke omroep is ook drastisch veranderd. De VRT als productiehuis wordt meer en meer een uitzendbedrijf. Een week werken aan een uur radio is economisch niet meer haalbaar. De studio's worden geleidelijk aan verbouwd tot een muziekopnamestudio en een publieksstudio. De dienst Luisterspelen wordt ontbonden, idem voor de kern luisterspeltechnici, de studio's worden ontmanteld, de knowhow verdwijnt.
Luisterspelen zijn te duur geworden omdat ze zo arbeidsintensief zijn, ze spreken geen groot publiek meer aan en het genre past niet meer in de beleidsplannen van de omroep. Er zijn de financiële omstandigheden, maar er is ook meer: het luistergedrag van het publiek is veranderd. Mensen luisteren korter naar de radio, want intensief luisteren wordt als vermoeiend ervaren. Er is fysiek minder tijd om naar de radio te luisteren, en het wordt al helemaal moeilijk wanneer die beschikbare tijd moet overeenstemmen met een plek in het uitzendschema.
Er is nog steeds de behoefte bij een publiek om naar verhalen te luisteren, maar de televisie vervult die opdracht eigenlijk beter. Bovendien is het luisterspel een zeer kwetsbaar medium: er is de investering van de luisteraar en de materialiteit van de stem. Het contact met de vertelling verloopt via de stem. Die stem is tijdsgebonden, snel gedateerd, verraadt zijn spreekidioom, slaat aan of niet, is een zeer subjectieve component.
Luisterspelen bestaan enkel nog via enkele occasionele projecten: zo was de bewerking Wat de ezel zag te horen op Klara en zond Radio 1 De lifter uit. Ze duiken af en toe op in andere vormen: scènes in humorprogramma's zoals Het huis van wantrouwen, een soap op Studio Brussel, en is niet elke betere reclamespot eigenlijk een miniluister spel?
Een fragment uit De lifter van Wim Vangrootloon.
In Vlaanderen is er op dit ogenblik geen structurele productie van luisterspelen meer. Er is wel een aanbod op het internet, voornamelijkvia buitenlandse sites. Sinds een paar jaar heeft het internet onze beleving van de media helemaal omgegooid. Elk radiostation biedt zijn uitzendingen nu ook aan via het internet; als een "net gemist"-service kan je die radioprogramma's opvragen en op je computer beluisteren wanneer het je uitkomt. In het beste geval kan je ze van je computer op een portabele mp3-speler laden, zo dat je ze niet alleen kan beluisteren wanneer, maar ook waar je wil. Het internet blijkt door die ondemandservice een zelfs nog betere distributeur van luisterspelen dan de radio.
In het buitenland blijft de BBC een uitzonderlijk producent van luisterspelen, met meer dan honderd nieuwe producties per jaar: een Afternoon play, ook een Saturday play of een Sunday classic serial op Radio 4 of een Sunday evening drama op Radio 3; BBC 7 biedt comedy, sciencefiction en producties uit het archief aan.
De Nederlandse educatieve omroep RVU produceert niet enkel de luisterspelen van auteur en regisseur Bert Kommerij, maar zet die luisterspelen eveneens online. Zeer leuke en toegankelijke eigentijdse producties. Op het internet vind je tal van Nederlandse sites waar je hoorspelen kan beluisteren: er zijn online hoorspel bibliotheken, maar ook sites van verzamelaars die hun vaak indrukwekkende collectie hoorspelen ter beluistering aan bieden.
Bert KommerijDe liefhebber van audioverhalen vindt op het internet heel wat materiaal. Van de artistiek verantwoorde Engelstalige producties tot de Franstalige virtuele luisterruimte SileneeRadia, waar luisterspelen, geluidskunst, maar ook interessant geachte ruwe opnamen en sound scapes als mp3 te horen zijn.
Ook aan de productiezijde zijn de zaken fundamenteel gewijzigd. In tegenstelling tot vroeger is het met de moderne technologie mogelijk om bij wijze van spreken thuis in je living een luisterspel op te nemen. Toch blijft de productiekost relatief hoog en is luisterspelen maken een arbeidsintensief project. Er zijn nu wel meer virtuele productiestructuren (e-hoorspelen), waarbij de acteurs niet meer samen met de technici en de regisseur in een (dure) studio bij elkaar komen. Als het maken van hoorspelen geen rendabele activiteit meer is, kom je snel bij vrijwilligers terecht - waarmee ik geen uitspraak wil doen over de ambitie van de makers of de kwaliteit van hun producten. Audio Epics is de naam van een kleine groep enthousiaste vrijwilligers die hun eigen verhalen schrijven en realiseren. Het zijn newageachtige fantasieverhalen, beïnvloed door de sciencefiction. Hun nieuwe productie, Wezens van het woud, bieden ze te koop aan via het internet.
In Nederland is er dan de HoorspelFabriek, een productiehuis waar luisterspelen worden gemaakt en te koop aangeboden. De HoorspelFabriek is een initiatief van Marlies Cordia, voormalig luisterspelregisseur bij de TROS, en Vibeke von Saher. In hun internetwinkel bieden ze een mix aan van bestaande, door de Nederlandse omroep opgenomen luisterspelen en creaties, al dan niet gebaseerd op literair werk. Bewerkingen van klassiekers, evergreens uit de hoorspelgeschiedenis en daarnaast een kweekvijver voor jong talent. Met hun project willen ze bewijzen dat er een publiek bestaat voor luisterspelen en audioverhalen, dat desnoods wil betalen voor dergelijke producties. Zo hopen ze het produceren van luisterspelen enigszins rendabel te maken.
Dichter bij huis brengt het Heerlijk Hoorspel bewerkingen van sprookjes voor kinderen en bij uitbreiding voor het hele gezin. Het productiehuis investeert in iets bekendere acteurs, zoals Ware Borgmans, Tom Van Dyck en Gene Bervoets, die sterke acteerprestaties leveren.
Ware Borgmans
Gene Bervoets
Met aanstekelijke muziek, veel geluidseffecten, een doorgedreven productie en een uitgekiende promotiecampagne willen zij het luisterspel opnieuw uitvinden en laten herontdekken door de jongere generatie. Na een bewerking van De nachtegaal van Hans Christian Andersen verscheen onlangs De wilde zwanen.
Een fragment uit De nachtegaal van Hans Christian Andersen.
Wat de toekomst zal brengen is niet duidelijk, maar de lijnen beginnen zich wel af te tekenen. Het succes van "De Radioboeken" - een project van het Vlaams-Nederlands Huis waarbij een auteur de opdracht krijgt een tekst te produceren die niet gepubliceerd, maar ingelezen wordt en in zijn auditieve vorm wordt aangeboden - toont aan dat mensen bereid zijn om te luisteren. En zelfs enige moeite willen doen om dat verhaal te vinden: kopen op cd of downloaden van het internet.
Het is niet denkbeeldig dat een omroep zijn archief gaat ontsluiten en met de nodige omkadering zijn verzameling luisterspelen gaat aanbieden op het internet. Het crossmediale plan, waar een consequente samenwerking tussen radio en televisie een extra creëert, zal ervoor zorgen dat televisieprogram ma's ook op de radio opduiken. In het slechtste geval wordt dat het uitzenden van de klankband gemaakt bij de tv-serie, zoals sinds enige jaren in de Verenigde Staten te horen is. Maar misschien leidt dat weer tot productie.
In verschillende landen is het gebruikelijk om luisterspelen te consumeren, vooral tijdens langere autoritten. Vorige zomer vond je in elk Duits wegrestaurant "Schrek 3, das Hörspiel". Je koopt of leent luisterspelen op cd of je vindt ze, al dan niet tegen betaling, op het internet.
Het luisterspel is veranderd, en dat is normaal. Maar het vertellen van verhalen met enkel een paar stemmen, geluiden, stilte en muziek zal altijd wel een uitzonderlijke vorm van radio blijven.