Deel 4 - Deurwaarders delirium
Onvoorziene zaken.
Silvère en de Schaduw zien vanuit hun hotelkamer in Foix-sur-Ariège Hercule Bavarde, notaris annex deurwaarder, dansend op de muziek van de radio een foto kussen. Ze zien hem ook dood neervallen na het nuttigen van een drankje, dat cyanide blijkt te bevatten. De Schaduw komt tot de ontdekking dat meneer Bavarde bij chantage praktijken betrokken is.
Beluister deel 4 en lees het script op deze pagina mee.
Selecteer een deel.
| Deel 1: Levenselixer |
| Deel 2: Een ongenaakbare weduwe |
| Deel 3: Een hoge levensverzekering |
| Deel 4: Onvoorziene zaken |
De rolverdeling van deel 4.
| Frans Somers | Inspecteur Charles Carlier, de Schaduw |
| Jan Borkus | Silvère |
| Willy Brill | Bianca |
| Kommer Kleijn | Marlan de Sevérin |
| Hellen Huisman | Dienstmeisje |
| Joke Hagelen | Françoise |
| Auteur: | Havank |
| Bewerking: | Pieter Terpstra |
| Regie: | Wim Paauw |
| Omroep: | NCRV |
| Dit deel is uitgezonden op: | 02-09-1974 |
Het script van deel 4.
Het script is voor u uitgeschreven door Herman en Marc Van Cauwenberghe.
(de telefoon rinkelt)
Schaduw: (neemt op) Met Carlier.
Silvère: Hallo Schaduw, met Bruno Silvère. Nog nieuws in Parijs?
Schaduw: Sinds ons vorige gesprek, weinig. Wel veel overwegingen en fantasieën waar de lommerd geen cent op geeft. Komt het nieuws ditmaal uit Foix-sur-Arièges?
Silvère: Daar ben ik juist even.
Schaduw: Mm.
Silvère: Eh... de politie en de administratieve en financiële deskundigen eh... hebben de kamer van de deurwaarder-notaris overhoop gehaald.
Schaduw: Mm.
Silvère: Het afgesloten kluisloket is ook geopend. Er kwam een boek vol interessante cijfers uit.
Schaduw: Een chantageboekhouding.
Silvère: Ja, je raadt het, Schaduw, je raadt het. Afpersing en chantage en hoe u het maar noemen wilt. De slachtoffers worden bij naam en toenaam genoemd, en d'r staan ook nummers bij, en die nummers zullen wel verwijzen naar de door jou meegenomen brieven. En onder al die namen is die van Polo prominent. D'r is hem in de tijd van nog geen jaar een fabelachtig bedrag afgeperst.
Schaduw: Arme Polo...
Silvère: Ja. En verder is het testament van de notaris gevonden. Z'n vermogen is netjes vermaakt aan weduwe en kinderen.
Schaduw: Ook aan de weduwe van de zeeofficier?
Silvère: Ja. Ja, dat heeft me 'n een beetje verbaasd, maar ze krijgt geen cent minder dan de anderen. Ik eh... ik zou d'r eigenlijk wel 'ns willen opzoeken. Ze woont niet zo ver hier vandaan, in Ussat-les-Bains.
Schaduw: Prima voornemen, Bruno. Zie jij het zitten dat één van de in het testament begunstigden de moord kan hebben gepleegd?
Silvère: (blaast) 't Lijkt me dat geen van hen in de gelegenheid kan zijn geweest om cyanide in handen te krijgen.
Schaduw: Nee, ik begin steeds meer te geloven dat het een Parijse affaire is.
Silvère: Hè! Nou, veel succes dan in Parijs.
Schaduw: Goeie reis naar Ussat-les-Bains. En de groeten aan die jonge mevrouw Bianca Bavarde.
(straatgeluiden - voetstappen - deurbel)
Bianca: (opent de deur) Dag... monsieur?
Silvère: Madame Bianca Bavarde?
Bianca: U bent?
Silvère: Commissaris Silvère van de Sûreté Nationale, Madame.
Bianca: Ah, komt u verder.
Silvère: Graag. (gaat binnen)
Bianca: (sluit de deur) Gaat u zitten, monsieur.
Silvère: Dank u, Madame, dank u.
Bianca: Eh... drinkt u iets? Een glas koele witte wijn?
Silvère: Wel, dat klinkt veelbelovend, Madame. (kucht - Bianca ontstopt de fles en schenkt uit) U begrijpt natuurlijk wat mij eh... wat mij hierheen heeft gebracht. De plotselinge dood van uw schoonvader en eh... het onderzoek...
Bianca: Ik begrijp het volkomen. Het mag dan niet bepaald een aangenaam mens geweest zijn, het is en blijft een afschuwelijke moord. (zet het glas neer)
Silvère: Ik dank u, Madame.
Bianca: Alstublieft.
Silvère: Op uw gezondheid, Madame. (drinkt)
Bianca: Merci.
Silvère: U stond niet eh... bepaald op goeie voet met eh... (zet het glas neer) Maître Bavarde?
Bianca: Mm. U zult het misschien erg vreemd vinden, maar ik heb 'm nooit ontmoet.
Silvère: Ach! En dat allemaal vanwege uw huwelijk met...
Bianca: Allemaal vanwege het feit dat Maître Bavarde in zijn plannen gedwarsboomd werd, en me nooit heeft kunnen vergeven dat ik z'n oudste zoon getrouwd heb.
Silvère: Ach! En toch... (drinkt) toch heeft ie u in z'n testament op één lijn gesteld met eh... met z'n andere kinderen.
Bianca: Werkelijk?
Silvère: Ja.
Bianca: Heel vreemd. Ik zal het overigens niet aannemen.
Silvère: Woont u het hele jaar eh... hier? Eh... u bent toch Parisienne, meen ik?
Bianca: (lacht) Ik zie er dus niet uit als een inboorlinge?
Silvère: (lacht) Nee nee nee, niet, bepaald niet, nee.
Bianca: Ach, ik kom hier zo af en toe een paar maanden. Ik schrijf namelijk.
Silvère: Ah, juist.
Bianca: Dit huis was ons huwelijkscadeau.
Silvère: Van mevrouw Bavarde?
Bianca: Mm. Moeder heeft ons altijd op alle mogelijke manieren geholpen, vooral in 't begin, toen het nog wel 'ns moeilijk was, hè, financieel en zo.
Silvère: Mm. Ik wilde u een paar vragen stellen, Madame, als dat mag. Is u iets bekend, eh... hoe vaag ook, eh... dat ons zou kunnen helpen dat raadsel op te lossen?
Bianca: Niets. Ik weet alleen dat ie een slechte reputatie had. Maar vandaar tot het motief voor een moord? Nee, dat zult u zelf... (telefoon rinkelt) Wie kan dat zijn? (neemt op) Mevrouw Bavarde... Ja, meneer Carlier, die is hier. 't Is voor u, meneer Silvère.
Silvère: Ah, dank u, Madame.... Ja, Schaduw?
Schaduw: Zit je gezellig bij die jonge weduwe?
Silvère: (lacht)
Schaduw: Ze hebben al naarstig gezocht. (1)
Silvère: Zeg, je zit toch nog in Parijs, hoop ik?
Schaduw: Ja. Maar ik al m'n best doen vanavond het laatste vliegtuig naar Toulouse te halen.
Silvère: Wat?
Schaduw: In verband met apotheker Poil. Niet alleen is ie geneesheer, ook op andere wijze neemt ie de goegemeente bij de neus.
Silvère: Wat bedoel je?
Schaduw: Zorg ervoor dat je Poil afremt, als ie plotseling reislust krijgt. Laat 'm de kans niet krijgen.
Silvère: Wat is er dan aan de hand?
Schaduw: Ik ben bij Air France geweest...
Silvère: Ja?
Schaduw: ...om enkele passagierslijsten te controleren. Dokter Poil is woensdag in Parijs geweest.
Silvère: Dat is merkwaardig.
Schaduw: Hoogst merkwaardig! Stuur je een wagen naar het vliegveld?
Silvère: Ja, als ik even kan, kom ik je zelf halen.
Schaduw: Uitstekend. Tot ziens dan.
Silvère: Ja. Bonjour, Schaduw! (legt de hoorn neer)
Bianca: Dat eh... telefoontje heeft u misschien verder gebracht dan het bezoek aan mij?
Silvère: Eh... misschien, Madame. Maar niettemin heb ik geen spijt, hoor! Of eh... ik heb u wellicht gestoord in een eh... inspiratie tot een spannend gedeelte van uw nieuw boek?
Bianca: O nee, allerminst. Ik ben bezig aan een biografie. De biografie van een vrouw die hier in Ussat-les-Bains begraven is. En u weet natuurlijk meteen wie ik bedoel. Of niet? Marie Lafarge, de beruchte gifmengster.
Schaduw: Mijn naam is Carlier, professor.
Marlan: Marlan de Sevérin. Maar dat weet u al. Neemt u plaats, hoofdinspecteur. Ik vrees dat mijn dochter Françoise niet thuis is.
Schaduw: Aha! (lacht) Mademoiselle Françoise heeft geen geheimen voor haar vader, zie ik. (lacht) Dat is een uitzondering tegenwoordig.
Marlan: Och, wij waren, geloof ik, niet veel beter toen wij jong waren... Ik zie u naar dat portret kijken. Dat is haar moeder toen ze zo oud was als Françoise nu. Mijn eerste vrouw. En uw bezoek geldt vermoedelijk mijn tweede vrouw.
Schaduw: U bent dus tweemaal getrouwd.
Marlan: Ja. Het was niet alleen een vergissing, het was tevens een ramp.
Schaduw: Mm. U begrijpt, hoop ik, dat dit bezoek niets anders is dan een onvermijdelijke formaliteit.
Marlan: Ik verwachtte uw bezoek na dat doodsbericht in de kranten. Ik vermoed dat u inmiddels van de hele afschuwelijke verwikkeling op de hoogte bent.
Schaduw: Om dat na te gaan, ben ik hier. Bij het onderzoek vonden we twee belangrijke dingen: het portret van Mimi, en enkele brieven geadresseerd aan Madame Françoise Marlan de Sevérin Die laatste ontdekking voerde uiteraard tot dit bezoek.
Marlan: Ik begreep dat u uiteindelijk tegen de driehoek Bavarde, Mimi en mij zult lopen. Na de dood van mijn eerste vrouw heb ik Mimi in Biarritz ontmoet. Ze was buitengewoon knap, en ik was meteen tot over mijn domme oren verliefd op haar. Tegen alle goede raad van vrienden in ben ik met haar getrouwd en we zijn hier gaan wonen. Mijn dochter Françoise verliet het huis, maar na de scheiding is zij teruggekomen, zoals u gisteravond zelf hebt kunnen constateren.
Schaduw: Zoals ik met genoegen heb kunnen constateren.
Marlan: Dat huwelijk ging natuurlijk niet. Mimi was erg slordig en niet bijster intelligent. Ze liet een brief slingeren, en toen ik om een verklaring vroeg... Tja, het werd een hele scène. Ze wilde scheiden, maar ik verzette mij. Ze zette de verhouding voort. Het was een Engels student, iemand van goeden huize.
Schaduw: Een Engelsman, ja.
Marlan: Mm. Het werd me ten slotte toch te bont en we zijn uit elkaar gegaan. Ik meen dat de bevlieging voor de jonge student overgewaaid of uitgeblust is, en dat hij later door een ongeluk om het leven gekomen is. Ze heeft in Le Touquet de notaris ontmoet wiens doodsbericht vanmorgen in de kranten stond.
Schaduw: Mm. U bent in ieder geval duidelijk en openhartig, professor.
Marlan: Ik kan me niet voorstellen dat u, van wat ik u vertel, veel wijzer kunt worden. Tenslotte is het allemaal negatief.
Schaduw: En toch werkt een dergelijk gesprek verhelderend, juist vanwege de negativiteit. Als ik erin slaag alle negatieven weg te redeneren, heb ik kans ten slotte te belanden bij het ene onmiskenbare positieve punt.
(een auto komt aanrijden)
Silvère: Zo, hallo! Stap in, Schaduw, je vliegtuig is prachtig op tijd. Ik heb me moeten haasten! (instappen - portieren dicht - wegrijden)
Schaduw: Je zei dat je je moest haasten?
Silvère: Ja.
Schaduw: Onvoorziene zaken hier in Foix?
Silvère: Hou je vast en maak je niet nijdig.
Schaduw: Iets ernstigs?
Silvère: 't Hangt ervan af wat je ernstig noemt...Die Poil, die apotheker, is nergens te vinden.
Schaduw: Hè?
Silvère: Hij is er vandoor, ja.
Schaduw: Wel verdraaid! Ik was er al bang voor. Ik had je eerder moeten waarschuwen.
Silvère: D'r is een waarschuwing uit in alle posten.
Schaduw: Hoe laat heb je de vlucht ontdekt?
Silvère: Eh... kort nadat ik uit Ussat-les-Bains terug was. Dat was eh... om een uur of zes. O ja, zeg, en verder zijn ze hier verschrikkelijk nijdig op jou, omdat je de sleutels van de brandkast hebt meegenomen.
Schaduw: Ik ging nu veel liever terug. Ik kom speciaal uit Parijs, helemaal uit Parijs, om Poil enkele puntige vragen te stellen, en de een of andere sufferd van de plaatselijke politie in Foix laat zich de prooi ontgaan. En dan komen ze me nog aan het hoofd zaniken over sleutels waar ze toch niets mee weten te beginnen, ook al zouden ze de hele bos een jaar in huis hebben.
Silvère: Ja ja ja ja... Wat doen we nou, hè?
Schaduw: Ja, ik stel voor: een paar glazen cognac in het hotel, en dan naar bed. En hopen dat we in onze nachtrust niet gestoord worden.
(rustige ademhaling van een slapende - plots wordt heftig op de deur geklopt)
Schaduw: (schrikt wakker) Hè ? Wat?
Dienstmeisje: Monsieur Carlier!! Monsieur Carlier!!
Schaduw: Hè? Brand? Staat... staat het hotel in brand?
Dienstmeisje: Moord! Monsieur Carlier, moord! (Schaduw staat op en opent de deur) O, monsieur Carlier!
Schaduw: Wat... wat... wat is er aan de hand? Moord?
Dienstmeisje: Madame! Dood!
Schaduw: Madame Bavarde? Dood? Madame?
Dienstmeisje: O, komt u alstublieft, onmiddellijk.
Schaduw: Ik kom. Vraag de portier om direct commissaris Silvère te wekken, dan ga ik me even aankleden.
Dienstmeisje: (weent)
Dienstmeisje: Zo heb ik Madame gevonden.
Schaduw: Zo zo... Tja... Ja, het is gebeurd met Madame Bavarde. Hoe wist u meteen dat het moord was?
Dienstmeisje: Ik weet niet... Ik... ik dacht... na wat er met meneer gebeurd is...
Silvère: Dat glas naast het bed wijst er misschien op. (snuift) Ja... Vergif. Cyanide.
Schaduw: Merkwaardig! Hoogst merkwaardig! Cyanide, en op dezelfde manier.
Dienstmeisje: M-moet ik... zal ik de familieleden waarschuwen?
Schaduw: Ja ja, ga je gang. Eh... nee, nee, wacht 'ns even. Silvère, zou jij dat straks even willen doen?
Silvère: Ja. Gaat u maar vast in de woonkamer, juffrouw, ik kom direct. (ze verlaat de kamer)
Schaduw: Vraag haar straks ook even hoe ze heet, wil je?
Silvère: Dat kan ik je gelijk wel vertellen. Ze heet eenvoudig Jeanne, Jeanne Eguzon.
Schaduw: Heel eenvoudig Jeanne Eguzon! Mm! In dat geval kun je d'r vragen of ze soms familie is van Mimi, heel eenvoudig Mimi Alouette, die oorspronkelijk ook Eguzon heette.
Silvère: Hé, dat is kras.
Schaduw: Dat is het... De plaatselijke politie moet straks met de vingerafdrukken aan de gang. Ik denk overigens dat Madame gisteravond nog laat de deur uit is geweest.
Silvère: Waarom?
Schaduw: Die mantel past hier helemaal niet op de slaapkamer.
Silvère: Ja.
Schaduw: Maar de reden van haar uitgaan weet ik niet. Zouden ze de apotheker al gevonden hebben?
Silvère: Kijk 'ns, de la van dit kastje is los.
Schaduw: Mm. (opent de la) Een kistje.
Silvère: Ja...
Schaduw: Zeg, wacht 'ns even, dat krijg ik hier geloof ik wel mee open. (breekt het open)
Silvère: Ja, kijk 'ns... O ja: geld. Geen groot bedrag trouwens. Kijk 'ns!
Schaduw: Sleutels... Waar zouden die van zijn?
Silvère: Ja. (er wordt geklopt)
Schaduw: Ja! (deur gaat open)
Silvère: Ja, wat wilde u vragen, juffrouw Eguzon?
Dienstmeisje: Ik eh... ik dacht... misschien eh... zal ik koffie zetten?v
Schaduw: Ah, jij komt als geroepen! Ik geloof dat Madame gisteravond nog laat de deur uit is gegaan, hè?
Dienstmeisje: Gisteravond? J-ja, Madame is eh... om een uur of twaalf nog uitgegaan, geloof ik, om... om een brief te posten.
Silvère: Hoe laat is het? De eerste buslichting zal wel geweest zijn.
Schaduw: Misschien doet het er allemaal niks toe. Ik hoor dat u Eguzon heet?
Dienstmeisje: Ja. Ik ben... de zuster van Mimi.
Schaduw: Mm. Ik zie u nog wel. Zet maar koffie. (ze verlaat de kamer) Ik moet even telefoneren, Silvère.
Silvère: Mm.
Schaduw: Ik geloof dat ik weet wie voor beide moorden aansprakelijk is.
(glazen voorwerpen worden verplaatst)
Schaduw: De deurwaarder-notaris was blijkbaar een man die een groot vertrouwen stelde in patent-geneesmiddelen. Allemaal tubes en potjes... Maar ik deed zo-even een merkwaardige ontdekking, Silvère.
Silvère: Welke?
Schaduw: Op dit flesje staat: jodiumtinctuur.
Silvère: Ja, dat zie ik.
Schaduw: Maar je moet 'ns ruiken.
Silvère: Hé! Amandelgeur, maar sterker.
Schaduw: Ja... cyanide, om precies te zijn. Pak het bij de rand vast, want er staat een belangrijke vingerafdruk op. Een vrouwenvinger, heel smalletjes en zo. Net als de afdruk die ik zag op het zwarte leer van het boek dat uit de brandkast kwam.
Silvère: Een vrouwenvinger?
Schaduw: De handtekening van de dader. Of, in dit geval, de daderes, bezitster van de voor Maître Bavarde zo belangrijke sleutels, waarmee hij al z'n geheimen dacht te hebben afgesloten.
Silvère: Zeg, maar Schaduw, hoe... hoe kwam de daderes d'r dan aan?
Schaduw: De deurwaarder kwam wel 'ns stomdronken thuis, vertelde het dienstmeisje. Bij zo'n gelegenheid moet het niet onmogelijk zijn geweest de sleutels uit z'n zak te halen en er wasafdrukken van te laten maken... De kans voor iemand die hem grenzeloos haatte!
Silvère: Dus...
Schaduw: Deze vingerafdruk zal het nog aantonen. En misschien de brief die gisteravond gepost werd, de brief van de daderes, de Weduwe Bavarde, geboren Louise Poil.
(geluid van vliegtuigmotoren)
Françoise: Ik heb nu weer even tijd om bij u te komen zitten, Schaduw. Vertel me alstublieft ook de rest. Over een kwartiertje landen we in Parijs. Dus in die brief stond...
Schaduw: Nadat ze argwaan kreeg, heeft ze niet gerust eer ze de geheimen van haar man kende. Niet alleen z'n verhouding met Mimi, ook de chantage. En de crisis kwam toen Bavarde met echtscheiding begon te dreigen.
Françoise: Door echtscheiding zou ze toch van hem af kunnen komen? En aan geld zou het er haar niet ontbreken.
Schaduw: Ze wilde wraak. Wraak voor wat ie haar aandeed. Wraak ook voor wat ie z'n zoon aandeed. Aan die zoon klampte zij zich vast, en juist zijn dood moet de factor zijn geweest die haar geest min of meer ontsporen deed.
Françoise: En het vergif, waarmee ze eerst haar man en daarna zichzelf om het leven bracht?
Schaduw: Nou, u weet dat ze een zuster van dokter Poil was, hè?
Françoise: Ja.
Schaduw: Een geacht plaatselijk apotheker weliswaar, maar niet van onbesproken gedrag. Met zijn zwager heeft hij de liefde voor drank en vrouwen gemeen. Hij stond ook niet helemaal buiten de duistere praktijken van Maître Bavarde.
Françoise: Staat dat ook in de brief die ze u schreef?
Schaduw: De brief is bijzonder kort, en op enkele punten ook bijzonder duidelijk. Hoe ze aan dat vergif kwam, zal pas vaststaan als dokter Poil weer boven water is.
Françoise: Dus u denkt...
Schaduw: Ik ben er bijna zeker van dat ook zij op haar beurt chantage heeft gepleegd. Heel kort, voordat zij haar man vermoordde. Ze moet bij de door haar verguisde broer geweest zijn en gedreigd hebben het aan de politie te vertellen. Tenzij...
Françoise: Tenzij hij haar de cyanide gaf om haar man te vermoorden.
Schaduw: Ik neem aan dat ze gezegd heeft dat ze zelfmoord wilde plegen, maar het vergif was voor Maître Bavarde bestemd. Ze was eerst niet van plan om de hand aan zichzelf te slaan, want ze heeft verschillende keren geprobeerd onze verdenking van zich af te schuiven. Waarom ze toch zelfmoord heeft gepleegd, is me uit de brief niet helemaal duidelijk geworden.
Françoise: Misschien toch gewetenswroeging? Ondanks de haatgevoelens.
Schaduw: Misschien...
Françoise: Wat een in-trieste geschiedenis!
Schaduw: Zeer triest. Een zeer merkwaardige, een hoogst merkwaardige geschiedenis, lieve Françoise.
(1) In het boek: Wij hebben u overal naarstig gezocht.