De terugkeer van de verloren zoon
Het hoorspel gaat over een vader met twee zoons. De jongste zoon eist zijn erfenis op van zijn vader. Zodra hij deze ontvangt, trekt hij weg en verkwist het geld in het buitenland. Hij wordt een bedelaar, werkt als varkenshoeder en heeft zo'n honger dat hij spijtig terug verlangt naar het huis van zijn vader en besluit zijn zonden aan zijn vader te belijden en hem om een baan als dagloner te vragen.
Als hij daadwerkelijk naar huis terugkeert, is de vader zo blij met de terugkeer van zijn zoon dat hij hem nauwelijks laat uitpraten en hem meteen weer terugbrengt. Hij kleedt hem feestelijk aan en geeft een groot feest.
Als de oudste zoon, die de vader altijd trouw heeft gediend, klaagt over het gedrag van de vader, antwoordt deze: “Mijn jongen, jij bent altijd bij me, en alles wat van mij is, is van jou. Maar we konden toch niet anders dan feestvieren en blij zijn, want je broer was dood en is weer tot leven gekomen. Hij was verloren en is teruggevonden."
Ter illustratie een fragment.
| Auteur: | André Gide |
| Vertaling: | Jef Last |
| Regie: | Coos Mulder |
| Omroep: | VPRO |
| Uitzending: | 28-12-1956 |
| Speelduur: | 29 minuten |
| Genre: | Religieus |
| Robert Sobels | Verteller |
| André van den Heuvel | Verloren zoon |
| Philippe la Chapelle | Vader |
| Richard Flink | Oudere broer |
| Annie de Lange | Moeder |
| Jules Croiset | Jongere broer |