De glazen wand
In dit hoorspel wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde anti-taal. De woorden die de personen spreken zijn dermate versleten in de dagelijkse omgang dat ze vrijwel elke betekenis hebben verloren. Het effect van zo'n conversatie wordt tegen het einde helder geformuleerd: "Als jij praat kan ik niets horen." Omdat meer met associaties wordt gewerkt dan met begrippen, moet men hier evenmin als bij andere soortgelijke spelteksten, niet verlangen, een duidelijk beeld te krijgen van wat er voorvalt in de scène. In dit geval zitten twee maneen bij een borreltje te fantaseren. "De glazen wand" is die van een aquarium, maar bestaat tevens uit een soort luchtledig dat hen van elkaar gescheiden houdt.
Ze associëren de vissen met een embryo op sterk water en slakken met het pianospel van de huisvrouw. Zichzelf projecteert het tweetal in de figuren van de voormalige Hitler-jongen Fachleitner en de communist Brunx. De eerste verzamelt oude schrijfmachines, de andere postzegels: welke allebei de sleetsheid van de taal verzinnebeelden. Het zinloze gesprek ontaardt tot dronkemanspraat. Achter de wand is alles metamorfose, vloeiend en ongrijpbaar. Er is geen verstandhouding mogelijk.
Ter illustratie een fragment.
De rolverdeling.
| Joke Hagelen | Anton |
| Corry van der Linden | Beton |
| Frans Somers | Brunx |
| Dogi Rugani | Nora, zijn vrouw |
| Jan Borkus | Fachleitner |
| Tine Medema | Ilse, zijn vrouw |
| Auteur: | Roger Manderscheid |
| Vertaling: | Elisabeth Augustin |
| Regie: | Wim Paauw |
| Inspiciënt: | Joop de Jong |
| Uitzending: | 24-01-1969 (NCRV) 29-11-1970 (BRT) |
| Speelduur: | 58 minuten |
| Herhaald op: | 03-12-1970 (BRT) |
| Genre: | Experimenteel |