Home / Agatha

Agatha

“Een salon in een onbewoond huis. Er staat een divan. Fauteuils. Door een venster valt er winters licht naar binnen. Men hoort het geruis van de zee. Het winters licht is wazig en somber.Er is een man en er is een vrouw. Zij zwijgen. Voor wij hen te zien kregen hebben zij wellicht veel gepraat.Onze aanwezigheid maakt hen erg onwennig. Zij staan recht, de rug tegen de muur, tegen de meubelen, uitgeput als het ware.Zij bekijken elkaar niet.


In het salon verder nog twee jassen en twee reistassen, wat van elkaar verwijderd.De twee personen zijn daar klaarblijkelijk niet samen binnengekomen.Ze zijn dertig, allebei. Het is net alsof zij op elkaar lijken.De scène begint met een lange stilte, waarbij geen van de twee een beweging doet.Zij zullen elkaar toespreken op schier verslagen, zachte diepe toon.”


Zo opent Marguerite Duras "Agatha", het stuk over de incestueuze liefde tussen een broer en zus op de vooravond van haar vertrek. Duidelijk geïnspireerd door de ‘liefdesrelatie’ tussen de "Geschwister" Ulrich en Agatha uit Robert Musils opus magnum "De man zonder eigenschappen", verhaalt zij van passie, tederheid, verlangen en verboden erotiek.


Op indringende wijze toont Duras een ontmoeting in de taal; in het proeven van elkaars schuldigen woorden.


Zij toont een ontmoeting in een verleden; in gekoesterde herinneringen en schuldbeladen gewaarwordingen op mateloze zomerdagen in de villa Agatha aan zee. De herinnering is voor Duras zeker geen vorm van stilstand, maar veeleer het zoeken naar een betekenis, naar een wijdere context, een andere context met de onuitsprekelijkheid als hart van de taal. Het willen zeggen, maar niet kunnen door de wanverhouding tussen de woorden en door de reusachtige omvang van de pijn.



Rolverdeling.

Warre Borgmans
Katelijne Verbeke


Aanvullende gegevens.

Auteur: Marguerite Duras
Vertaling: Filip Vanluchene
Regie: Johan Van Assche
Omroep: BRTN
Uitzending: 2 februari 1996
Speelduur: 72 minuten
Categorie: Relaties


Informatie met betrekking tot de bron.

Agatha, Paris, Les Éditions de Minuit, 1981.