De nacht van San Rocco
Het is “De nacht van San Rocco”, de grote nacht van de dorpskermis. Bij het erf van de kloosterboerderij - waar de pater de scepter zwaait over drie moeilijk opvoedbare jongens - ligt een mesthoop. Met opgebonden soutane staat hij met een stok in een ton fecaliën te roeren.
De jongens, op hun blote voeten, zijn bezig het laatste stuk van het erf schoon te vegen. Telkens als de pater zijn hoofd over de ton buigt, slaan ze elkaar met de takkenbezem om de oren. Er staat nog een geopende ton op het erf. Ook daaruit komt een broeierige en pittige walm omhoog. Eén van de jongens wil zijn bezem erin dopen om zijn kornuiten met fecaliën in te smeren.
De avond is koel en stil. Soms worden flarden van de kermis hoorbaar, golvend op de wind. “Het is een kwade wind”, zegt de pater, “die ons deze muziek brengt. Als je de jongens van de parochie wilt vinden, moet je ze zoeken tussen de kermistentjes. En de ouders zijn nog erger. Ze zijn als de drek van dit mengsel hier: als je er eenmaal je handen ingestoken hebt, raak je de stank niet meer kwijt, speciaal die ene dag van het jaar, als het San Rocco is.”
Rolbezetting
| Hans Veerman | meneer |
| Huib Orizand | de pater |
| Hans Karsenbarg | Biscione |
| Dogi Rugani | vrouw |
| Nel Snel | Adèle |
Overige informatie
| Auteur: | Cesare Pavese |
| Vertaling: | Corinna van Schendel |
| Regisseur: | Wim Paauw |
| Omroep: | NCRV |
| Uitzending: | 10 mei 1968 |
| Speelduur: | 38 minuten |
| Categorie: | Sociaal |
Fragment
