Home / De zaak Marie Becker

De zaak Marie Becker

Op 7 juni 1938 start het proces tegen de weduwe Marie Becker, 59 jaar oud, verdacht van elf moorden door vergiftiging, vier pogingen tot vergiftiging, vervalsing van een testament en verduistering van aandelen, geld en juwelen.

 

Vrouw Becker, die alles wat haar ten laste werd gelegd had ontkend, legde zich er op toe in kennis te komen met oude dames. Met haar nieuwe kennissen ging zij dan heel vriendschappelijk om, in de regel werden zij ziek. Vrouw Becker bood dan steeds aan, haar vriendinnen te verzorgen. In die periode trachtte zij in het bezit te komen van geld en goederen van de slachtoffers. Elf van die kennissen zijn als gevolg van vergiftiging gestorven. Na een van deze sterfgevallen werd de politie gewaarschuwd, en toen bleek, dat reeds eerder een onderzoek tegen haar was ingesteld wegens vergiftiging, doch dat zij van rechtsvervolging moest worden ontslagen.

 

Op de laatste zittingsdag, na eindeloos geharrewar over procedurekwesties die door de verdediging werden opgeworpen, richtte de president het laatste woord tot de beklaagde: "Hebt gij nog iets te zeggen?" vroeg hij. De weduwe Becker bleek zeer ontroerd. Stamelend verklaarde zij: “Ik dank mijn verdediger." Maar hebt gij niets tot uw verdediging aan te voeren? vroeg de president, waarop de beklaagde hakkelend antwoordde: “Ik beken..." (iedereen verwachtte, dat er een bekentenis zou volgen), maar de weduwe Becker vervolgde: “Ik beken, dat ik onschuldig ben!"

 

Het hof veroordeelde de weduwe Becker ter dood. Daar echter de doodstraf in België in de praktijk niet meer werd toegepast, moest weduwe Becker een levenslange gevangenisstraf uitzitten.

 

 

Rolbezetting.

Tom van Beek verteller
Kees Broos  
Emmy Lopes Dias  

 

 

Aanvullende gegevens.

Auteur en regisseur: Dick de Vree
Omroep: KRO
Speelduur plusminus: 20 minuten
Categorie: Misdaadreconstructies

 

De misdaadreconstructies werden uitgezonden via de middengolf.